‘Wohl mir’

Geschreven door J. Wijnholds op . Geplaatst in Algemeen

In de dienst op Witte Donderdag hoorden we het lied dat Bach gebruikt in cantate 147.

Wohl mir dass Ich Jesum habe,
o wie feste halt ich ihn.
Dass er mir mein Herze labe,
wenn ich krank und traurig bin.

 Jesum hab Ich, der mich liebet
und sich mir zu eigen gibet ,
ach drum lass Ich Jesum nicht,
wenn mir gleich mein Herze bricht.

Een op jezelf gerichte zaligspreking noemde ik het in de dienst, waarin ik mediteerde bij de eerste regel van dit lied. We prijzen ons gelukkig dat we Jezus hebben, dat is de samenkomst van de christelijke gemeente. Ik noemde drie aspecten van dit geluk. In de eerste plaats zijn we blij met Jezus, omdat hij ons uit ons verhaal van de dagelijkse feiten haalt. Je blik wordt ruimer, je krijgt oog voor de breedte, de hoogte en diepte van het leven, dat niet lotmatig bepaald wordt door wat er in de wereld gebeurt. In de tweede plaats noemde ik de inhoud van het verhaal van Jezus, het brengt ons bij het wezenlijke, het herinnert ons aan de liefde, de trouw, de gemeenschap en verbondenheid. De liefde aan ons en de liefde van ons. Ook dat laatste, ‘wel mij’, dat ik kan geven. Ook vanuit de isolatie en de eenzaamheid, in gedachte en gebed gericht op de ander, in een gebaar, groter of kleiner, een kaartje, een telefoontje, een dienst. Tenslotte noemde ik een aspect dat juist op Witte Donderdag naar voren komt. Voor Jezus is er geen grens aan deze liefde en trouw, gemeenschap en verbondenheid. Op de dag voor zijn sterven, op het moment dat het verraad aan de orde komt, richt hij een maaltijd aan, een maaltijd van ontvangen en geven. Dat is de maaltijd die we ook in deze dienst gevierd hebben, brood en wijn, breken en delen. En we zongen de lofzang, met Jezus en zijn leerlingen. We prijzen ons gelukkig dat we Jezus hebben, zelfs als ons hart breekt. De dienst is hier terug te zien. En hier de schikking, die mooi het kwetsbare van onze geschiedenis en ons leven verbeeldt, met de tekenen van brood en wijn, de herinnering aan het verhaal van Jezus.

 

Jan de Korte